sluiten

Inloggen

Log hieronder in met uw gebruikersnaam en wachtwoord.

Deze ontvangt u van ons bij het afsluiten van een (proef)abonnement.

Nog geen inlog? meld u gratis aan


Vragen?
Kunt u niet inloggen of heeft u vragen over een (proef)abonnement?.
Neem dan contact op met BIM Media Klantenservice:

sluiten

Welkom bij de Kennisbank NEN 1010

Om de uitgebreide informatie op de kennisbank te kunnen lezen heeft u een inlogcode nodig. Deze ontvangt u bij het afsluiten van een abonnement.

Waarom Kennisbank NEN 1010 kennisbank

  • Kennis van experts altijd beschikbaar
  • Antwoorden, oplossingen en tools
  • Toevoegen van eigen notities mogelijk
  • Praktijkcases, veelvuldig aangevuld
  • Handige formules en interactieve berekeningen
Neem nu een abonnement >


Abonnement € 350,- per jaar, ieder moment opzegbaar. Meer over een abonnement op NEN 1010

“ De norm is soms lastig te begrijpen. De kennisbank bevat de  complete norm NEN 1010 met links naar de praktische uitleg, waardoor achtergronden van de norm duidelijk worden. ”
 

Jaap Jansen,
Installatie Service Bureau

Inloggen voor abonnees


Vragen?
Kunt u niet inloggen of heeft u vragen over een abonnement?
Neem dan contact op met Vakmedianet Klantenservice: 088 58 40 888

Of stuur een e-mail naar: klantenservice@vakmedianet.nl

Ruimten met een bad of douche (rubriek 701)

In een ruimte waarin een bad of een douche is ondergebracht, is sprake van bijzondere omstandigheden met betrekking tot vocht.

De lichaamsweerstand is in deze ruimten ook anders omdat bescherming in de vorm van schoeisel en dergelijke veelal ontbreekt. Daarom worden er hier extra eisen gesteld aan de elektrische installatie.

 

Een badkamer is een vochtige ruimte, hierdoor is de lichaamsweerstand anders en gelden er extra eisen met betrekking tot de elektrische installatie. Bron: www.dreamstime.com

Zone-indeling

Allereerst is het van belang om een goede zone-indeling te maken zodat een juiste keuze kan worden gemaakt wat betreft de beschermingsgraad van het toe te passen elektrisch materieel.

 

Zone 0

De ruimte in de badkuip of in de douchebak wordt als zone 0 beschouwd. Indien er geen douchebak is geplaatst, moet vanaf het vloeroppervlak een hoogte van 10 cm worden aangehouden over de gehele oppervlakte die als douchebak is gekenmerkt.

 

Zone 1

Dit is de ruimte boven de gehele badkuip of gehele douchebak tot een hoogte van 2,25 m gerekend vanaf de vloer. Indien geen douchebak is geplaatst moet met een straal van 1,20 m worden gerekend vanaf de douchekop. Tevens wordt de ruimte onder de douchebak of onder het bad ook als zone 1 beschouwd.

 

Zone 2

Zone 2 wordt gezien als de ruimte vanaf zone 1 gerekend met een straal van 0,60 m en eveneens met een hoogte van 2,25 m.

 

De drie bovengenoemde beschrijvingen zijn gevisualiseerd in onderstaande afbeeldingen, afkomstig uit de betreffende norm.

 

Zonebepaling in ruimten met bad of douche.

Aanvullende bescherming

Speciale aandacht moet worden besteed aan aanvullende bescherming. De volgende voorzieningen zijn voorgeschreven:

  • het toepassen van een aardlekbeveiliging;
  • aanvullende beschermende vereffening.

 

Aardlekbeveiliging

Alle elektrische voorzieningen moeten zijn beveiligd door toestellen met een aardlekbeveiliging met een nominale aanspreekstroom van 30 mA. Het toepassen van aardlekbeveiliging kan achterwege blijven indien als de beschermingswijze elektrische scheiding voor de voeding van slechts één toestel wordt toegepast, of indien gebruik wordt gemaakt van een voeding met extra lage spanning: SELV- en PELV-ketens.

 

Aanvullende beschermende vereffening

Een plaatselijke aanvullende vereffening moet worden gerealiseerd tussen de beschermingsleiding en de metalen gestellen en bereikbare vreemd geleidende delen binnen de gehele ruimte waar een bad of douche is ondergebracht. Dit zijn onder andere:

  • wateraanvoer en waterafvoeren;
  • verwarming;
  • eventuele gassystemen;
  • andere metalen constructiedelen.

 

Een uitzondering hierop vormen metalen buizen met een kunststof bescherming. Deze buizen hoeven niet met de plaatselijke aanvullende bescherming te worden verbonden indien ze zodanig zijn aangebracht dat ze niet bereikbaar zijn.

Elektrische materieel

Gezien de uitwendige invloeden die aanwezig kunnen zijn, moet het elektrische materieel een minimale beschermingsgraad hebben die afhankelijk is van de zone waarin dit elektrische materieel wordt toegepast:

  • in zone 0 geldt een minimale beschermingsgraad van IPX7. IPX7 wil zeggen dat het elektrisch materieel bestand is tegen onderdompeling in water met een diepte van 1 m gedurende 30 minuten;
  • in zone 1 geldt een minimale beschermingsgraad van IPX4. IPX4 wil zeggen dat het elektrisch materieel bestand is tegen opspattend water ook wel spatwaterdicht genoemd;
  • in zone 2 geldt eveneens de eis van IPX4.

 

Minimale beschermingsgraad elektrisch materieel.

 

Scheerwandcontactdozen  moeten voldoen aan heel andere eisen en mogen in zone 2 worden gemonteerd. Hierbij wordt ervan uitgegaan dat geen sproeiwater op dit elektrisch materieel terecht kan komen. Daarnaast moet rekening worden gehouden met een vereiste beschermingsgraad van minimaal IPX5, indien het elektrische materieel wordt blootgesteld aan waterstralen. IPX5 wil zeggen dat het elektrische materieel bestand is tegen waterstralen.

Elektrische toestellen

Elektrische toestellen mogen uitsluitend worden geïnstalleerd binnen de betreffende zone indien die daarvoor geschikt is. Hiervoor geldt dan wel de voorwaarde dat de elektrische toestellen vast moeten zijn opgesteld en vast zijn aangesloten. Dit geldt zowel voor zone 0 als voor zone 1.

 

Zone 0

In zone 0 gelden voor elektrische toestellen bijzondere voorwaarden. Zo moeten zij worden aangesloten op SELV-ketens met een nominale wisselspanning van 12 V of een gelijkspanning van 30 V.

 

Zone 1

Hierbij moet worden gedacht aan de volgende elektrische toestellen:

  • whirlpool;
  • warmwatertoestellen;
  • armaturen;
  • handdoekrekken;
  • en dergelijke.

 

Elektrische vloerverwarming

De verwarmingskabels van de elektrische vloerverwarming moeten zijn voorzien van een metalen mantel die is verbonden met de beschermingsleiding van de voeding. Indien de voeding bestaat uit een SELV-keten, is deze eis niet verplicht.

Leidingsystemen en installatie

Indien leidingen in wanden zijn weggewerkt, dienen deze op een diepte van minimaal 5 cm, gerekend vanaf de zone, te worden aangebracht. Indien leidingen horizontaal worden aangebracht, dienen deze zo dicht mogelijk onder het plafond te worden gemonteerd. Voor de voeding van wandcontactdozen voor algemeen gebruik moeten leidingen met een nominale kerndoorsnede van ten minste 2,5 mm2 worden toegepast. Een toestel dat boven de badkuip is aangebracht, moet verticaal van bovenaf worden aangesloten of horizontaal aan de achterzijde. Indien voor horizontale aansluiting wordt gekozen, dient de leiding vanuit de wand op het toestel te worden aangesloten.

 

Uitwendige invloeden

De keuze van de vaste leidingen en voor buigzame leidingen is in de NEN 1010 opgesomd. Buigzame leidingen dienen van een zware constructie te zijn.

Gerelateerd aan Ruimten met een bad of douche (rubriek 701)